Tino Rossi

Wie de verloren tijd wil terugvinden moet bij voorkeur vertrouwen op 'la mémoire involontaire', dat is waar. De smaak van een koekje dat je achteloos in je thee doopt, kan een wereld aan herinneringen oproepen. Het is waar. Maar het is ook waar dat ik Tino Rossi maar hoef te horen, op een cassettebandje, of een golf aan voorbij geluk overspoelt me.
In zo'n geval komt 'la mémoire volontaire' in werking. Ik mag van te voren al rekenen op herinneringen die met de fluwelen stem van Tino Rossi verbonden zijn. Voor mij, ten minste.
De Tweede Wereldoorlog moest nog beginnen. We moesten de Duitse bezetters nog over de vloer krijgen. In die laatste ongestoorde geluksjaren - een persoonlijk 'belle époque' - nam mijn vader me soms op zondag mee naar het Amsterdamse Olympisch Stadion. Olympisch Stadion, want in 1928 hadden daar Olympische wedstrijden plaats gevonden. De stervoetballer dier dagen kwam uit Uruguay - iedere sportliefhebber herinnerde zich in mijn jeugd nog zijn naam: Andrade.
Als we op het Roelof Hartplein op de tram stapten kostte de rit maar elf cent. Of elf en een halve cent? Ik weet het niet meer precies. Een korte rit heette het. De conducteur kwam langs - hij was aan zijn status verplicht om de hele dag kwinkslagen te maken. Hij incasseerde de centjes en verstrekte een langwerpig wit papiertje, het bewijs dat je had betaald.
In Het Stadion speelde Blauw Wit.
Het Stadionplein was het eindpunt van lijn 24. Is dat nog steeds trouwens; ik vind het geruststellend dat er dingen zijn die NIET veranderen.
Nog voor we binnen in het stadion waren, hoorden we op het weidse plein de stem van Tino Rossi al komen uit de luidsprekers. Fluweel voor het oor. Zonder dat ik ook maar één woord kon verstaan, begreep ik al dat hij in het Frans zong, ook al fluweel. De meest fluwelen taal die ik me voorstellen kon.
Later heb ik er meer van begrepen: die zang ging over de Middellandse Zee, over beloftes van eeuwigdurende liefde.
En binnen zag ik mijn allereerste wedstrijd. Ik zag The Corinthians met zes-vijf winnen van Blauw-Wit. Onnutte herinneringen blijven. Dat is begrijpelijk, want niet het vertelbare is van belang, maar het bijbehorende gevoel van onbeschrijfbare gelukzaligheid. Wat we de werkelijkheid noemen, waar we over twisten kunnen, dat is alleen maar een index, een aangrenzend teken, dat verwijst naar iets dat onbegrensd en onveranderlijk in onze ziel opgeslagen ligt.
Pas veel en veel later, te laat, kom je tot het besef wat een voorrecht het is om een vader te hebben die je meeneemt op een korte rit.
