Skip to Content

Aart van Zoest

Ik ben in Amsterdam geboren in 1930. Ik promoveerde in 1974 op François Villon aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Ik heb vooral geschreven over literatuur, kunst en semiotiek.

Mijn semiotische boeken heten 'Semiotiek. Over tekens, hoe ze werken en wat we ermee doen', 'Waar gebeurd en toch gelogen', 'Zin zien'. Samen met anderen: 'De macht van de tekens', 'Teken en betekenis'. Bij mijn semiotisch onderzoek laat ik me inspireren door Charles Sanders Peirce.

Ik schreef nogal wat teksten over literatuur, vooral Nederlandse en Franse, maar ook over Morgenstern bijvoorbeeld. Over schilders, zoals Rembrandt en Dodog Soeseno.

Elf jaar had ik een wekelijkse column in het Utrechts Nieuwsblad.

Ik begon als kantoorbediende in 1947. Vervulde twee jaar militaire dienstplicht en deed herhalingsoefeningen bij de Militaire Inlichtingen Dienst. Daarna dienstweigeraar. Van 1953 tot 1965 was ik leraar Frans aan de Tweede Driejarige HBS te Amsterdam en kort aan het Spinoza Lyceum in diezelfde stad. Daarna was ik lang docent aan het Frans en Occitaans Instituut van de Universiteit van Utrecht en incidenteel gastdocent aan de Rijksuniversiteit Groningen en aan de Freie Universität Berlin. Gasthoogleraar aan de Sorbonne Paris IV en aan de Universitas Indonesia.

Over mijn Indonesische academische ervaring schreef ik 'Twee jaar Seksi Belanda'. Met Nunuk Tri Heryati: 'Goena-goena en geziene geesten'. Bij de Nymfaeum Pers verscheen 'De kanaalzwemmer; en negen andere verhaaltjes voor het slapengaan' en 'Lijp gedrag?', opgebouwd uit onserieuze tekeningen.

Sinds 2007 ben ik hoofdredacteur van het door de Nymfaeum Pers uitgegeven driejaarlijkse tijdschrift Nynade, gewijd aan Kunst en Letteren.