Skip to Content

Hellema's woede

Hellema's woede

Het tiende boek van Hellema heet 'De woede van de wind'. Ondertitel: Reflecties. Geen verhalen dus, zoals in zijn eerste boeken, Langzame dans als verzoeningsrite (1982), Enige reizen dienden niet ter zake (1983), Joab (1984), of de latere bundel Bestekken. Plaatsbepalingen in de tijd (1989). Geen novelle, zoals Klèm ((1998).

En ook geen roman, 'De woede van de wind', zoals Een andere tamboer (1985), Kimberley (1987), De maan van de vorige avond (1992). Wèl een wirwar van bespiegelingen, analyses, scènes, anecdotes, boutaden, aforismen, zoals in Slotnotering uit Barnet (1996).

Tien boeken tot dusver, van grote kwaliteit, toch is Hellema onbekend gebleven. Onterecht en doodzonde, want deze meest miskende van onze grote schrijvers, is interessanter en prikkelender dan de onbeduidende kunstenmakers die het poenjagende uitgeversgilde onzer dagen de Nederlandse fictieconsument door de strot douwt. Hij heeft zijn schaarse fans, waartoe ondergetekende gerekend wil zijn.

Alleen overdenkingen in 'De woede van de wind'? Nee, soms grappen, ook flauwe, over de behandeling in grote restaurants of hotels, ervaringen met hoeren. Soms aforismen over het leven. Soms analyses van de geschiedenis van de twintigste eeuw, waarvan hij een doordenkende getuige is geweest. Soms intense en provocerende regels over de wereldgodsdiensten, waarbij hij zijn affiniteit met judaïsme en vrijmetselarij niet onder stoelen of banken steekt. Soms heel compacte verhalen, significant, uit het leven gegrepen. En wat voor leven. Hij heeft, na zijn arrestatie door de nazi's, in 1943, wegens verzetswerk, in zes concentratiekampen gezeten. Vanuit zijn laatste kamp, Flossenbürg, heeft hij in een dodenmars moeten meelopen, tot hij uit de rij wist te vluchten en overleefde samen met een jonge Friese verzetsman die kort daarna toch nog stierf en wiens dood Hellema beschrijft in het eerste verhaal van de Langzame dans (wie kan die drie bladzijden met droge ogen lezen?). Na de bevrijding heeft hij de ondergang van de Twentse textielindustrie meebeleefd en beschreven. Ook uit die ervaringen kan hij putten.

Onderweg leg je dit zonder vijgeblad, met hartebloed geschreven boek soms neer, om na te denken, te mijmeren, te lachen, commentaar in de kantlijn te schrijven. Als je het uit hebt, blader je - kenmerk van het ware! - onmiddellijk terug.

© Aart van Zoest, mei 2000