Henri de Haas laat zien en lezen

'Ben je dood dan ga je naar de hemel. Een beschrijving daarvan vind je in de bijbel en in al die verwante boeken en verhalen waarin de mens na een zwaar leven, rust en geluk vindt. Hier ziet Majnun zijn Leila en zij ziet hem.'
Dit schrijft Henri de Haas bij de afbeelding van zijn aquarel, in zijn pasverschenen boek 'Boven de stad'.
Het is een boek naar mijn hart. Henri de Haas laat daarin een groot aantal van zijn aquarellen zien, die allemaal intrigerend zijn en van een onverwisselbare eigenheid, zoals het ook hoort bij een kunstenaar die die kwalificatie voor honderd procent verdient.
Maar dat is het enige niet. Hij voegt bij elke aquarel een korte tekst toe, die de beschouwer op weg helpt bij de interpretatie van wat hij ziet. Die instelling doet mij veel deugd. Ik ben niet tuk op beeldende kunst die zich aan mij presenteert met de titel 'Zonder titel'. Zo'n bijschrift doet zich voor als een mantel van deemoed, de kunstenaar laat het interpreteren geheel aan de kijker over. Maar ik ben argwanend: zit onder die mantel niet iets wat op uitdagende arrogantie lijkt of misschien wel op gemakzucht? Nou ja, hoe dat zij, ik ben hoogst gecharmeerd van beeldende kunst die een flirt aangaat met de taal. Het beeld is de streling; een liefhebbende woord daarbij geeft aan dat de kunstenaar het méént met het contactgebaar dat zijn kunstwerk wil zijn.
Met zijn aquarellen, samen met zijn taalbegeleiding, vertelt Henri de Haas over een levensgevoel en een levensvisie. Dat maakt zijn werk meer dan interessant. Interessant is iets voor de ratio. Kunst en literatuur kan, als het goed is, ons een mens nabij brengen, met wat hij voelt, denkt en ervaren heeft. Dat lukt De Haas in zijn boek, ook al omdat hij na een exposé van zijn aquarellen een stuk familiegeschiedenis toevoegt, met herinneringen aan verwanten niet alleen maar ook aan persoonlijke belevenissen in eerste levensjaren, tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Ik heb aan die beschrijvingen een dubbel plezier beleefd. Ten eerste aan de stijl. Die is onvervaard, met unverfroren generalisaties en stellingnamen naast betekenisvolle details. Die stijl is fundamenteel verwant aan die van de aquarellen, met hun kenmerk van onbevangenheid. Het andere plezier is hoogstpersoonlijk. Als Amsterdamse jongen, een paar jaar ouder dan De Haas, heb ik tijdens de Duitse bezetting - het essentiële verschil van jood-zijn of niet buiten beschouwing gelaten - nogal wat dingen meegemaakt die ik herken in zijn evocaties.
Misschien heb ik met het voorafgaande het belangrijkste nog niet gezegd. De kunst en de tekst van De Haas is ook en vooral een uitdaging aan ons denken, aan onze persoonlijke ideologie. Hij verklaart zich agnost, die zich afwendt van een 'onmenselijk wrede God'. Ik ga daarin niet met hem mee. Maar deze humanist, die ver is van elk cynisme, die zin aan zijn leven geven wil, doet uitspraken die me uit het hart gegrepen zijn. Rijkdom en macht blieft hij niet; zou hij een verwante ziel van me zijn?
En Majnun en Leila? De Haas leert ons: 'Het verhaal van Leila en Majnun is een oud Iraans verhaal over een onmogelijke liefde. Elk volk kent wel zo'n romantisch droevig verhaal waarin de liefde het niet wint van de traditie en het familiebelang.'
Hij is over de wereld gegaan, De Haas, en zijn aandacht heeft het hem mogelijk gemaakt om ons van gelijkenissen te berichten. Let op de slang die hij uit de boom naar beneden laat kijken. Kijken, naar elkaar, en verder om ons heen, het is nooit weg.
