Skip to Content

De tenen van Krijn

De tenen van Krijn

Krijn Körig mocht de eerste steen leggen. Een hele eer.

Maar wist Krijn veel. Hij was nog pas twee jaar oud. Iedereen die om hem heen stond het het beter gekund dan hij. Maar hij was nu eenmaal de zoon van de bouwheer.

De bouwheer is de heer die vindt dat er een huis gebouwd moet worden. Een belangrijke heer dus. Die mag kiezen wie de eerste steen legt. En vader Körig koos voor Krijn. Leuk voor later, heeft de bouwheer gedacht, zonder aan het moment zelf te denken. Want toen de steen moest worden gelegd kon dat kleine ventje niet weten wat er aan de hand was. Hij stond daar maar met die steen. Veel te groot voor zijn kleuterknuistjes.

Iedereen om hem heen lachte hem toe. Suikerzoet. Aanmoedigend. 'Toe maar', riep zijn moeder, mevrouw Körig. Van schrik - of was het gehoorzaamheid? - liet het lieve kereltje de steen los. Door de zwaartekracht bewoog het ding zich in de richting van de aarde. Daar bevonden zich de teentjes van Krijn. Die teentjes stuitten het zware ding in zijn val.

O, wat heeft het joch gehuild. Begrijpelijk, zijn tenen waren danig gekwetst. Zijn leven lang heeft hij aangepast schoeisel moeten dragen en van de athletiekvereniging Vlug en Lenig is hij nooit lid geworden. Gelukkig kon hij wel goed leren en heeft hij het nog ver gebracht.

Toen vader en moeder Körig waren overleden is Krijn gaan wonen in het huis waarvan hij nog de eerste steen had gelegd. Elke dag kon hij het lezen op de muur van zijn huis, naast de voordeur:

EERSTE STEEN GELEGD
DOOR KRIJN KÖRIG
24 APRIL 1930

Meestal loopt Krijn voorbij zonder er op te letten. Maar soms blijft hij staan en leest die woorden hardop. Alsof hij zichzelf iets voorleest. Altijd denkt hij dan: 'Wat een eer.'