Heinz Polzers moedertaal

Over drs.P spreek ik als Heinz Polzer om zijn entertainers-image te vermijden. Niet dat ik iets tegen entertainers zou hebben, maar om aan te geven dat ik nadruk wil geven aan zijn kwaliteit als taalkunstenaar.
Taalkunstenaar, het klinkt gewichtig. Een woord met zwaarte. Aan zwaarte en gewichtigheid denkt niemand die vertrouwd is met teksten van Heinz Polzer. Uit zijn teksten blijkt zijn competentie wat zijn taal betreft
Zijn taal, dat is zijn moedertaal.
Is Nederlands de moedertaal van Heinz Polzer, met zijn Duitse naam, met zijn Zwitserse nationaliteit?
Ja. In de meeste letterlijke zin.
Zijn moeder is een Nederlandse. Zijn vader was een Oostenrijker die zich in Zwitserland vestigde. Daarom is Heinz Polzer Zwitser.
Vanaf zijn derde levensjaar verbleef Heinz in Nederland. Bij zijn moeder, na de scheiding van zijn ouders. Hij is er schoolgegaan, heeft er gestudeerd, bedrijfseconomie, en is ècht doctorandus geworden. Hij heeft er zelfs in de gevangenis gezeten; dat was tijdens de Duitse bezetting - hij had een de bezetters onwelgevallige tekst geschreven. Hij kon in 1943 naar Zwitserland vertrekken, kreeg daar zijn militaire dienstplicht te vervullen. Kwam na de Duitse capitulatie per legerwagen als verpleegkundige in Parijs terecht en keerde daarna via een avontuurlijke route naar Nederland terug.
Dat Parijse jongelings-intermezzo beschrijft Drs.P in zijn recentelijk herdrukte 'Souvenir de Paris'. Wie nalaat het te lezen doet zichzelf te kort.
Hier volgt een voorbeeld uit dat nu door Nijgh & Van Ditmar uitgegeven boek. De jonge Polzer, voor het eerst in Parijs, verkeert daar met Nederlanders.
'We hadden weinig te verteren, maar deden dat efficiënt. Wat niet gratis was, maakten we voordelig.
Een bezoek aan de Sphinx (Boulevard Edgar Quinet, wat is het geheugen toch een prachtig apparaat) bleef beperkt tot zuinige ogenschouw, want zelfs een drankje aan de bar kon er niet af. Wat niet wegnam dat we dan toch maar, op de valreep nog wel, eventjes in een der fraaiste en beroemdste bordelen van het westelijk halfrond waren geweest.
(...)
Stelt u zich een weelderige nachtclub voor waar alle vrouwen jong en knap zijn, de ene gekleed in twee kousen en een paar schoenen, een andere in een bolerootje, de derde in een armband wellicht of een crucifix.'
Smaakt dat niet naar meer?
