Nero

Ik las wat van Tacitus in Franse vertaling. Voor mij is dat saai. Ik ben geen classicus, interesseer me weinig voor de Romeinse geschiedenis en de latijnse letteren. Ooit heb ik Vergilius en Cicero gelezen omdat het moest. Ik kwam van een HBS-B (wiskunde dus) en wilde naar de Faculteit der Letteren van de VU om er Frans te studeren; je moest dan een colloquium doctum doen. Alla.
Mijn latijnse ijver heeft me toch weinig verder geholpen dan het eenvoudig thuisbrengen van Natura Artis Magistra en Memento Mori. Hoewel ik ook wel eens bij mezelve denk 'in dubitate abstine', maar ik laat het wel uit mijn hoofd om het hardop te zeggen. Voor je het weet ben je een uitslover.
Tacitus vertelt van keizers en militairen, hun verrichtingen gedragingen en mogelijke overwegingen. Ik kan er niet heet of koud van worden. Het laat me koud.
Als geoefend sensatiezoeker ben ik wel gaan lezen hoe Tacitus vertelt van Nero en zijn schanddaden. Internet, dat ons razendsnel helpt aan concrete informatie, leert me dat toen Tacitus in geboren werd Nero al negentien was en diens moeder Aggripina éénenveertig. Zowel Agrippina als Nero zijn niet oud geworden (44 en 31, respectievelijk), dus Tacitus heeft ze niet echt meegemaakt. Maar de historicus Tacitus heeft over Nero nog behoorlijk verse informatie gehad en dat geeft aan zijn relaas bloedwarmte, als ik me zo mag uitdrukken.
We weten allemaal wel dat Rome aanvankelijk een redelijk democratisch bestuurde republiek was alvorens een dictatoriaal geleid keizerrijk te worden. In de erfelijkheidscriteria die keizerlijke opvolging moesten rechtvaardigen speelde Nero's moeder Agrippina een fanatieke rol. Een halfbroer van Nero, Britannicus, werd door slinkse vergiftiging uitgeschakeld.
Wanneer Nero dan onbetwist keizer van Rome geworden is, blijft Agrippina zeer dominant. Een storende factor wordt de beeldschone Poppaea, die door Nero buitenmate wordt begeerd. Tijdens een moment van gedeelde dronkenschap geeft Agrippina tegenspel door met haar zoon te vrijen, zo wordt beweerd, zonder dat duidelijk is wie het initiatief genomen heeft. Het haalt niets uit. Nero neemt zich voor om Agrippina te vermoorden. Maar ja, hoe?
Tacitus noemt de moeilijke overwegingen. Daar zien we, als lezer, hoezeer ook in geschiedschrijving de grens tussen fictie en objectiviteit niet scherp getrokken is.
Vergiftigen? Maar ja, dat was al met Britannicus gedaan, en de verdenking op Nero zou dan al te groot zijn. En dan, Agrippina was er erg alert op - liet vóórproeven. Bovendien zou een bediende het dan moeten doen, altijd linke soep - wie kon je vertrouwen?
Anicetes, een vrijgelatene, vlootcommandant, opvoeder van de jonge Nero, komt met een idee. Laat Agrippina op een schip de zee op gaan. Dan gebeurt er iets met die boot. 'Wie schrijft een misdaad toe aan wat wind en golven doen?'
De boevenstreek wordt gepland, maar wel zo dat de schijn van onschuld zo veel mogelijk gegarandeerd moet zijn. Je zou dit kunnen opvatten als een teken van een concessie aan fundamenteel vereiste ethiek. Schijnheiligheid is immers een eerbewijs aan fatsoen.
Hoe waar dat is bewijst een element in het plan van Anicetes: als Agrippina dan zogenaamd per ongeluk verdronken is, kan Nero tempels en altaren voor haar nagedachtenis oprichten. 'Om zijn genegenheid voor haar te bewijzen.'
Agrippina wordt naar een Minervafeest met inbegrepen boottocht gelokt, met ee voorwendsel: de zoon gaat zich met moeder verzoenen. Agrippina zegt ja. Tacitus: 'Rooskleurige goedgelovigheid, vrouwen eigen!' (Oei Tacitus, maar goed dat je niet naar de feministische meetlat wordt gemeten.)
Het schip vaart uit. Aan boord Agrippina. Het is een mooie sterrennacht. De zee is kalm. De goden hebben dat zo beschikt. Acerronia, Agrippina's favoriete dienares, ligt over haar voeten. Dan, niet ver uit de kust, valt het met lood verzwaarde dak van de kajuit naar beneden. De stuurman van de boot wordt gedood, maar de vroiuwen raken slechts te water.
Acerronia roept dat zij de keizerin-moeder is, denkend dat men haar dan redden zal. Haar hersens worden ingeslagen en ze verdrinkt. Agrippina wordt opgepikt door een vissersbootje en naar haar villa gebracht.
Nero heeft een probleem.
