Waar komt de ellende vandaan? Van het geld lenen natuurlijk.
Als de literatuur een beetje behoorlijk gelezen was, dan had men het kunnen weten. Céline heeft zijn tweede grote roman, in 1936, al de titel gegeven: Mort à crédit.
Aan deze of gene vraag ik wel eens: Denk je dat jij een ziel hebt? Het ligt misschien aan het soort mensen met wie ik pleeg om te gaan, maar ik krijg vrijwel altijd een negatief antwoord. Merkwaardig: toch is 'zielig' een van meest gebruikte adjectieven in onze taal.
Vandaag ontving ik uit Berlijn mijn dagelijkse Duitstalige gedicht. Dr.Bernd Müller mailt mij er elke dag een. Een doodenkele keer komt er een die ik al ken, van Morgenstern bijvoorbeeld. Maar meestal is zo'n zending een heerlijk cadeau, dat een prachtig begin geeft aan de dag.
Gisteren heb ik, daartoe aangespoord door Anne Scheepmaker, nog eens aan tafelgenoten het waargebeurde verhaal verteld van mijn bijna-verdrinken. Tijdens het door Sannah Edens en Walter Crommelin voor talrijke vrienden aangerichte feestmaal ter gelegenheid van hun koperen huwelijk.
Nu ik begonnen ben om Toergenjews roman 'Liza' te lezen, denk ik natuurlijk terug aan de dag dat ik aan zijn sterfbed stond. Hij lag er niet meer in, omdat hij al lang dood was voordat ik op de wereld kwam. Hij stierf in 1883.
Mijn plicht roept me nogal eens naar Parijs. Ik ga er dan heen met de trein. Nee, niet met de Thalys. Die is wel vlug maar waarom moet eens mens vlug reizen? Ik ga via de steden Antwerpen en Lille.
De tram is behoorlijk vol, als ik voorin instap. Geen zitplaats vrij. Ik stel me standvastig op vlak achter de plaats van de bestuurder. Een zittende jongeman biedt mij zijn plaats aan. Heus, er zijn nog van die mensen. Niet eens weinig.
Grossmans heeft met 'Leven en lot' roman óók een historische roman geschreven, zoals dat eveneens gezegd kan worden van Tolstojs 'Oorlog en vrede'. Grossman beschrijft de slag om Stalingrad, die in een overwinning van de Sowjet-troepen eindigde. Dàt zie je op de omslag van de Russische editie van het boek.
Grossmans evocatie van Stalingrad begint als volgt. 'Op sommige momenten leek het alsof het rimpelende oppervlak van de Wolga een onbeweeglijk vlak was, aan de oever waarvan de bevende aarde lag te deinen.' Ik citeer dit maar even omdat ik wel heb horen zeggen dat Grossman journalistiek schrijft.