Soeur Emmanuelle

Op 16 november 1908 is ze in Brussel geboren, Marie-Madeleine Cinquin. Ze werd non. Ze trad toe tot de Congregatie van Onze-Lieve-Vrouwe van Sion. Als nieuwe naam koos ze Emmanuelle. Zodat we haar nu kennen als Soeur Emmanuelle.
De cineaste Elisabeth Kapnist heeft een film over Soeur Emmanuelle gemaakt, die ik gezien heb, zodat ik een heel klein beetje over haar meepraten mag.
Van Elisabeth Kapnist had ik al eerder films gezien - over Freud bijvoorbeeld, over Lacan, over de muzikale familie Casadesus. Ook over Rusland en zijn dansers, Plissetskaja, Nijinski. Films die je hart aanraken en je leven verrijken, door de indringende en touchante poëzie ervan. Ze gaan naar de essentie.
Soeur Emmanuelle was eerst lerares en toen ze met pensioen moest ging ze wonen tussen de allerarmsten, voddenrapers, in Cairo. Ze wist geld los te krijgen in de hele wereld en kon daarvan scholen, huizen en medische centra van de grond krijgen. Hoofdzaak was dat voor haar niet. Hoofdzaak was voor haar dat ze de sloebers het gevoel kon geven dat iemand uit een andere wereld ze zag staan, ze respecteerde. Aan zieltjeswinnen deed ze niet. Ze respecteerde ook de vrijheid van anderen om te kiezen voor judaïsme, islam of zelfs atheïsme. De film van Kapnist heeft me dat geleerd.
Uit die film is me vooral haar gevoel voor humor bijgebleven, zelfspot incluis. No-nonsense, geen enkele aanstellerigheid, geen gewichtigdoenerij of preektoon. Door haar acties om geld los te krijgen, haar contact met hotemetoten, werd ze een beroemdheid en ze zegt daarover 'Ik werd mediageniek'. Maar over de sloebers op Cairo's vuilnisbelt zegt ze met veelbetekenende olijkheid: 'Ils rigolent'. Ze hebben nog lol, ze maken geintjes, temidden van hun ellende. Je hoort de bewondering in de stem van Emmanuelle als ze dat zegt. En haar sprankelende ogen lijken er iets aan toe te voeen: 'Daar kunnen velen een voorbeeld aan nemen'.
Zo'n detail brengt me eerlijk gezegd in verrukking. We zien dezer dagen tv-beelden van dames en heren met heel serieuze facies. Ze hebben ernstige zorgen. Dalende koersen, het verbod om te roken in de kroeg, economische recessie. De welgestelden maken weinig geintjes. Je zou bijna concluderen dat ze tot de categorie der zielepoten toegetreden zijn.
Soeur Emmanuelle vond het wel geinig, die geintjes op de vuilnisbelt. Sancta simplicitas. Johannes Hus zag het al, toen hij op de brandstapel stond. Soeur Emmanuelle met haar fijn gevoel voor humor heeft het voorbeeld van haar vriendinnen en vrienden op de vuilnisbelt gevolgd; ze heeft voor het einde van haar lange leven een pirouettetje bewaard. Ze stierf vandaag, 20 oktober 2008. De viering van haar honderdste verjaardag heeft ze ons mooi door de neus geboord. In gedachte zie ik haar daarboven gniffelen.
Ze stierf in haar slaap. De doodsstrijd, het enige waar ze tegenop zag, is haar bespaard gebleven. Ik beschouw dat graag als een beloning voor de uitzonderlijke manier waarop deze vrouw betekenis aan haar leven heeft weten te gegeven. Een voorbeeld van hoe het óók kan.
