Skip to Content

Sophokles, realist

Sophokles, realist

Men mag mij geloven: het aandachtig lezen van Sophokles' "Oidipous Rex' is een literaire vreugde van de eerste orde. Er is van alles te genieten. Om te beginnen het realisme, in de kleinste dingen, vooral waar het de psychologie betreft.

Een piep-kleinigheidje. In het vierde bedrijf komt een oude man getuigenis afleggen die aan alle mogelijke twijfel over Oidipous' verleden een einde zal maken. Hij is degene die van Laios ooit de opdracht kreeg om het kind dat Jocaste ter wereld had gebracht in de bergen met vastgesnoerde voeten achter te laten om daar dood te gaan, maar die dat niet over zijn hart kon krijgen. Oidipous ondervraagt hem en begint: 'Was jij ooit in dienst bij Laios?' De voormalige herder antwoordt: 'Ja. Als slaaf. Maar niet gekocht hoor. Ik was in zijn paleis geboren.' Ik kan niet nalaten daarvan te smullen, om het psychologisch inzicht van Sophokles. We herkennen de behoefte van deze getuigende underdog om op zijn niveau toch zijn gevoel van eigenwaarde tot uitdrukking te brengen.

Met zulke blijken van psychologische fijnzinnigheid zit de tekst van de tragedie stikvol. Ik stel me voor hoe Freud daarvan genoot, net als ik, speciaal toen hij het derde bedrijf onder ogen had, waarin Jocaste, vechtend tegen de op handen zijnde openbaring van het incestueuze karakter van haar relatie met Oidipous, wanhopig aankomt met een uiterste argument. Freud leest dat Jocaste sussend zegt: Ach, veel mannen dromen ervan dat ze naar bed gaan met hun moeder'. Bij die regel moet hij zijn opgesprongen, Sigmund - denkbaar is dat hij zich met de ene hand krachtig tegen het voorhoofd sloeg terwijl de andere hand diende om de knie te bestrijken die bij dat opspringen krachtig tegen een nabije tafel was gestoten.

Sophokles is meer dan een dieptepsycholoog. Hij strooit met behartenswaardige aforismen en maximen, die vaak betrekking hebben over de zelfoverschatting die macht veelal met zich meebrengt. Hybris, dat is het Griekse woord. Je ziet het dagelijks, via media, meer of minder handig gecamoufleerd in uitingen van de groten der aarde, in woord en gedrag. Oidipous is ook zo'n slachtoffer van wat hem is toegevallen. Tegenover de Sfinx heeft hij zich intelligent getoond en daarna is hij zichzelf excessief au sérieux gaan nemen (niet aan te bevelen) en zich op de borst gaan trommelen (akelig schouwspel). Maar niet daardoor komt hij ten val.

Het moet ons 21ste-eeuwers wel treffen dat zijn val ook niet eens zozeer met moreel oordeel te maken heeft. Zijn crime is une faute, zoals Talleyrand het zeggen zou. De fout van Oidipous is dat hij codes heeft doorbroken (je doodt je vader niet, je slaapt niet met je moeder). Dat betekent een smet binnen een gemeenschap. Een verontreiniging. In de Franse vertaling die ik heb gelezen komt steeds het woord 'souillure' terug. Op zijn volks gezegd: wat Oidipous, zelfs in zijn onschuld, heeft gedaan is een smeerlapperij. Er moet reiniging volgen, anders gaat de pest niet weg. Wij hedendaagse westerlingen zijn gewend dat de tegenstelling goed-kwaad de meest fundamentele is bij ons oordelen over wat er in de wereld gebeurt.

Sophokles brengt ons met zijn meesterwerk een boodschap over: het kan ook zó zijn dat onreinheid als erger wordt beschouwd dan morele verwerpelijkheid. Maar zonde of geen zonde, de goden rechtvaardigen de medogenloze kant van hun almacht niet. Koning Oidipous uit aan het einde van de tragedie de klacht dat hij er ook al niet om had gevraagd om zijn leven te beginnen als wegwerpkind. Zo'n klacht heeft eeuwen na Sophokles zijn echo nog.