Skip to Content

Suus als redder

Suus als redder

Suus Knoep stond bij zijn boot en dacht: 'Heb ik nou zin om te varen, ja of nee?' Toen hoorde hij roepen: 'Help. Help.'

Hij zag een arm die nog maar net boven het water uitstak. Suus begreep: 'Hier is hulp geboden.' En dacht: 'Há. Ik had net besloten dat ik geen zin in varen had.'

Nu moest hij. Je kunt niet iemand vlak voor je neus laten verdrinken. Vooral niet als je bootje varensgereed ligt.

En dan, het was de koningsdochter, Goedelinde, die daar dreigde te verdrinken. Dat was te zien aan de ring die boven het water uitstak, een ring met zesendertig diamanten.

Suus voer uit en hees Goedelinde in zijn boot. Ze was buiten kennis en doodsbleek. Mond­op­mond­beademing, het moest.

Een surprise du désir. Maar de Boze Koning wilde niet weten van een verhouding tussen zijn dochter en Suus. Toen Suus bleef aandringen, liet de koning hem verbannen naar een ver land.

Daar woonde Geertje Guitenoog. Ze had geen dure ring, maar toch had ze wat. Bovendien dacht Suus: 'Beter wat dan niks.' Hij vroeg Geertje ten huwelijk.

Geertje wilde Suus niet. Hij heeft toen een hond genomen. Daarom is zijn stoep soms vies.