
Suus Knoep stond bij zijn boot en dacht: 'Heb ik nou zin om te varen, ja of nee?' Toen hoorde hij roepen: 'Help. Help.'
Hij zag een arm die nog maar net boven het water uitstak. Suus begreep: 'Hier is hulp geboden.' En dacht: 'Há. Ik had net besloten dat ik geen zin in varen had.'
Nu moest hij. Je kunt niet iemand vlak voor je neus laten verdrinken. Vooral niet als je bootje varensgereed ligt.
En dan, het was de koningsdochter, Goedelinde, die daar dreigde te verdrinken. Dat was te zien aan de ring die boven het water uitstak, een ring met zesendertig diamanten.